“Hoop is bepaald niet hetzelfde als optimisme”

Dit zegt Václav Havel in een interview uit 1986, hij vervolgt: “Het is niet de overtuiging dat iets goed gaat komen, maar de zekerheid dat iets zinvol is, hoe het uiteindelijk ook uitpakt.”

We zitten voor de derde keer samen om twee hoofdstukken te bespreken uit het boek ‘Troost’, geschreven door Michael Ignatieff. In elk hoofdstuk van het boek wordt steeds het leven van een persoon beschreven. Het verbindende thema van die levens is, hoe ze troost vonden voor de rampspoed die zij in hun leven tegenkwamen.

Marcus Aurelius trapt deze middag af. Zijn leven lang is hij al voorbestemd om keizer Pius op te volgen en hij werd in 165 na Chr. keizer van het Romeinse rijk. Hij was vaak aan de randen van het rijk te vinden om met zijn legers aanvallen van de barbaren af te slaan. Alleen en eenzaam zat hij ’s avonds in zijn legertent, op zoek naar een manier om zijn angst en eenzaamheid te trotseren. Hij vindt dan troost in het maken van dagboekaantekeningen. Zeer persoonlijke aantekeningen. Om zich voor niemand kwetsbaar te maken, houdt hij ze geheim. Gaandeweg in het geschrift – dat de titel ‘Ta eis heauton’ (vert: ‘Aan zichzelf’) meekrijgt – schrijft hij ook steeds meer kernachtige levenswijsheden.

Je kunt ze nu nog regelmatig tegenkomen, een voorbeeld: “Je hebt macht over je geest, niet over de gebeurtenissen buiten jou. Besef dit en je zult kracht vinden.”

Niet alleen de barbaren, maar ook Jeanine Wisse, één van de deelnemers, gaat in de aanval, alhoewel haar pijlen gericht zijn op Ignatieff, de auteur van het boek. Aurelius wordt in 161 na Chr. keizer en dus niet in 165, zoals in het boek staat. Maar vooral het eenzame en pessimistische beeld dat Ignatieff schetst van Aurelius vindt Jeanine niet kloppen. We krijgen een korte toelichting, voorzien van illustraties. 

In haar verhaal staat Jeanine ook nog even stil bij de stoïsche code. We kwamen dat al eerder in het boek, in het hoofdstuk over Cicero, tegen. Het stoïcisme leert je alle rampspoed te aanvaarden zonder je emoties te tonen – iets wat Cicero zelf niet lukte toen het erop aankwam. Daar moet een nuance gemaakt worden. Het gaat er namelijk om dat je je niet verzet tegen de door de goden bepaalde loop der dingen. Als je je beklaagt, dan is dat als kritiek op de goden op te vatten. Daarom ook werden de christenen vervolgd, zij verzetten zich hier wel tegen. Tegen de goden en dus ook tegen de Romeinse rijk, want dat laatste was ook zeker de wil van de goden.

Wie ook troost vindt in het schrijven is Havel. Havel is zeker niet voorbestemd om leider van zijn land te worden. Sterker nog: hij wordt lang opgesloten door de communistische machthebbers van Tsjecho-Slowakije wegens kritiek op de staat. Havel schrijft in de gevangenis op zaterdagavond brieven aan Olga. Hoewel hij tot haar dood met Olga getrouwd zal blijven, is hun relatie moeizaam. Havel houdt er veel vriendinnen op na. Misschien dat de sterk verschillende milieus waaruit zij komen ook een bijdrage levert aan hun moeilijke relatie.

Havel streeft ernaar om in waarheid te leven. Als je jezelf met al je fouten kunt aanvaarden – jezelf vergiffenis kunt schenken – kan je van de schaamte afkomen. Dat is de enige manier om in waarheid te leven. In de gevangenis formuleert hij ook dat verantwoordelijkheid het anker van zijn leven moet worden. Havel voelde zich verantwoordelijk voor alles: voor bijvoorbeeld een weervrouw op televisie, die zich geen raad wist toen het geluid uitviel en zich bekeken wist door miljoenen televisiekijkers. Hij voelde zich verantwoordelijk, omdat hij zichzelf herkende in haar gêne.

“Maar alleen voor wie geld heeft is de vrijheid niet duur” zong het Klein Orkest in die tijd in het nummer De Muur. Gelukkig leven wij niet in een totalitair systeem en is die muur geschiedenis, maar hoe goed is onze overheid vandaag voor mensen zonder rechten? Mensen zonder status? Voor die mensen is onze vrijheid, ook vandaag, nog steeds te duur. En we zien onze overheid daarin ook steeds verder verharden. Wij zullen ons moeten blijven herkennen in die ander, ons verantwoordelijk moeten voelen en daar naar moeten handelen. Niet uit de overtuiging dat het goed gaat komen, maar in de zekerheid dat dat zinvol is. 

De volgende bijeenkomst is 9 juni om 15.00 uur in de Hoflaankerk.

Dan komt de schilder El Greco voorbij en, één van de weinige vrouwen uit het boek: Cicely Saunders. Zij is de oprichtster van het hospice als plek van zorg voor wie dicht bij het levenseinde is. Hoofdstuk 6 en 17 uit het boek Troost. Om het te kunnen volgen is het niet noodzakelijk om de vorige bijeenkomsten te hebben bezocht, noch het boek te hebben gelezen.

Jan Haas